Overzicht van de taken en bevoegdheden van het CBP 
 

Onafhankelijkheid van het CBP
Het CBP houdt toezicht op de naleving van wetten die het gebruik van persoonsgegevens regelen. Het CBP houdt dus toezicht op de naleving en toepassing van de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp), de Wet politiegegevens (Wpg), de Wet gemeentelijke basisadministratie (Wet GBA) en de Wet justitiële en strafvordelijke gegevens (Wjsg).

Bij het CBP moet het gebruik van persoonsgegevens worden gemeld, tenzij hiervoor een vrijstelling geldt.

Het kader voor de uitvoering van deze taak is dus in de Wbp en daarmee samenhangende andere wetgeving vastgelegd. De wetgever heeft hiermee uitvoering gegeven aan artikel 28 van de Europese Privacyrichtlijn 95/46/EG waarin het bestaan van een dergelijke toezichthoudende autoriteit uitdrukkelijk is voorzien, en waarin voorts is bepaald dat deze autoriteit zijn taak in volledige onafhankelijkheid dient te vervullen.

Bij deze taken gaat het soms om verplichtingen, maar in de regel om bevoegdheden over de uitoefening waarvan het CBP, met inachtneming van de wet en het oordeel van de rechter, zelf kan beslissen. Andere taken, zoals het geven van voorlichting en het doen van onderzoek naar nieuwe ontwikkelingen, vloeien voort uit de algemene toezichthoudende taak. Mede gelet op zijn onafhankelijkheid heeft het CBP dus een betrekkelijk grote ruimte om binnen de kaders van de wet zelf invulling te geven aan zijn taak en daarbij de nodige prioriteiten te stellen en accenten te leggen.

Taken en bevoegdheden van het CBP

  • Advies inzake wetgeving
  • Toetsing gedragscodes
  • Toetsing reglementen
  • Melding en voorafgaand onderzoek
  • Voorlichting
  • Ontheffing verbod verwerking bijzondere gegevens
  • Advies vergunning voor doorgifte naar derde landen
  • Internationale zaken
  • Ambtshalve onderzoek
  • Handhaving
  • Internationale taken

Waarborgen juiste taakvervulling
Het CBP is bij de uitvoering van zijn bevoegdheden gehouden aan de normen die worden gesteld in de Algemene wet bestuursrecht. Met het oog op de handhavingsbevoegdheden zijn de waarborgen voor een juiste taakvervulling in de wet aangescherpt:

  • De mogelijkheid van bezwaar en beroep op de bestuursrechter tegen besluiten van het CBP.
  • De mogelijkheid van een klacht bij de Nationale Ombudsman.
  • De Wet openbaarheid van bestuur is van toepassing.
  • Het CBP is ingevolge artikel 56, derde lid, van de Wbp verplicht tot vaststelling van een bestuursreglement dat onder meer regels bevat over werkwijzen en procedures met het oog op een goede en zorgvuldige uitoefening van de verschillende taken.
  • Het CBP is als bestuursorgaan uiteraard ook gebonden aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.

Heeft u een klacht over het College bescherming persoonsgegevens?
Heeft u een klacht over de wijze waarop het CBP of een medewerker van het CBP zich in een bepaalde aangelegenheid heeft gedragen? Dan kunt u daarover een klacht indienen. U kunt uw klacht zowel mondeling als schriftelijk indienen bij de klachtencoördinator van het CBP.

Schriftelijke klacht
Uw schriftelijke klacht dient in ieder geval de volgende gegevens te bevatten:

  • uw naam;
  • uw adresgegevens;
  • uw handtekening;
  • de datum en
  • een omschrijving van de gedraging waarover u klaagt.

Het CBP verzoekt u tevens uw telefoonnummer te vermelden, zodat het op eenvoudige wijze met u in contact kan komen.

U kunt uw klacht versturen naar:

College bescherming persoonsgegevens
T.a.v. de klachtencoördinator
Postbus 93374
2509 AJ DEN HAAG

Als u uw telefoonnummer heeft vermeld, neemt het CBP in beginsel telefonisch contact met u op om te bezien of het uw klacht direct mondeling kan oplossen. Lukt dit niet, dan ontvangt u een ontvangstbevestiging. Een afschrift van uw klacht over een gedraging van een medewerker wordt vervolgens aan hem of haar verstrekt. De medewerker krijgt de gelegenheid om op uw klacht te reageren. U wordt op de hoogte gesteld van deze reactie. Tevens krijgt u de gelegenheid om uw klacht nader toe te lichten tijdens een hoorzitting bij het CBP. Van deze hoorzitting wordt een verslag gemaakt.

Mondelinge klacht
Voor de behandeling van mondelinge klachten is geen procedure voorgeschreven. Het CBP zal mondelinge klachten in beginsel mondeling afhandelen.

Termijn
Het CBP streeft ernaar uw klacht binnen zes weken af te handelen. Als deze termijn wegens omstandigheden niet wordt gehaald, kan de termijn worden verlengd met maximaal vier weken.

Klachtbehandelaar
Uw klacht wordt behandeld door een medewerker van het CBP die niet betrokken was bij de gedraging waarover u klaagt. Dit zal in beginsel zijn de klachtencoördinator.

Nationale Ombudsman
Bent u niet tevreden over de afhandeling van uw klacht door het CBP? Dan kunt u een klacht indienen bij de Nationale Ombudsman.

Algemene wet bestuursrecht
De procedure zoals hierboven beschreven, is in overeenstemming met hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht.

Jaarverslag
Het CBP brengt jaarlijks over zijn werkzaamheden en bevindingen een openbaar verslag uit. De volledige jaarverslagen kunt u op deze website vinden (downloaden).

zoek
Go Search
Ik wil snel naarSnel naar
header