CBP: verstrekken inkomensgegevens aan verhuurder door Belastingdienst in strijd met wet
 

Mededeling, 31 mei 2012

De verstrekking van inkomensgegevens van huurders aan woningverhuurders door de Belastingdienst was in strijd met de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp). Dit is de conclusie van het College bescherming persoonsgegevens (CBP) dat de staatssecretaris van Financiën hiervan in een brief op de hoogte heeft gesteld. De Belastingdienst verstrekte informatie over het feit of het huishoudinkomen al dan niet meer bedroeg dan € 43.000. De gegevensverstrekking liep vooruit op een wetsvoorstel dat huurverhoging op grond van inkomen mogelijk maakt in het kader van de zogeheten ‘aanpak scheefwonen’. Het CBP ontving in het voorjaar van 2012 veel signalen van huurders over deze gegevensverstrekking en startte hierop een onderzoek. De Belastingdienst is inmiddels na uitspraak van de kort gedingrechter in een zaak die door enkele huurders was aangespannen, gestopt met de verstrekking. Het CBP heeft ondanks het feit dat de Belastingdienst de informatieverstrekking heeft gestaakt, de (on)rechtmatigheid ervan onderzocht en op basis van de Wbp beoordeeld. Dit heeft het CBP onder meer gedaan vanwege de maatschappelijke onrust die deze heeft veroorzaakt en met het oog op mogelijk vergelijkbare projecten in de toekomst.

De Belastingdienst heeft een wettelijke geheimhoudingsplicht. De minister kan hiervoor in bepaalde situaties een ontheffing verlenen, maar bij het verstrekken van inkomensgegevens aan verhuurders waren deze volgens de rechter en ook het CBP niet aan de orde. Daarmee was er sprake van schending van de Wbp: de geheimhoudingsplicht staat (verdere) verwerking van persoonsgegevens door de Belastingdienst in de weg. Maar ook als de ontheffing van de geheimhoudingsplicht wel op goede gronden zou zijn verleend, zou de verstrekking in strijd met de Wbp zijn geweest. De wet eist namelijk een grondslag voor het verwerken van persoonsgegevens. De Belastingdienst beroept zich op ‘de behartiging van een gerechtvaardigd belang’ als grondslag. De Belastingdienst heeft hierbij echter niet – zoals de Wbp voorschrijft – expliciet de belangen van het kabinet bij de aanpak scheefwonen afgewogen tegen die van de betrokkenen.

z2012-00228