Toegang elektronisch patiëntendossier beter geregeld 
Behandelrelatie voorwaarde voor toegang dossier  

Persbericht, 28 april 2008  

Het College bescherming persoonsgegevens (CBP) is verheugd dat de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) het advies van het CBP betreffende de toegang tot het elektronisch patiëntendossier heeft overgenomen. Vrijdag jl. stemde de ministerraad in met het wetsvoorstel, dat regelt dat in beginsel alleen de beroepsbeoefenaar die een behandelrelatie met een patiënt heeft, toegang krijgt tot diens medisch dossier. Indien een beroepsbeoefenaar toegang zoekt tot het dossier maar (nog) niet aan de toegangsvoorwaarden voldoet, dient hij onder meer uitdrukkelijk te verklaren dat er sprake is van een behandelrelatie. Door deze maatregelen wordt de privacy van patiënten beter gewaarborgd.

Het wetsvoorstel regelt voorts dat door middel van ‘logging’ wordt bijgehouden welke beroepsbeoefenaren toegang vragen tot een patiëntendossier. Naar aanleiding van het advies van het CBP zal in een apart bestand worden bijgehouden welke beroepsbeoefenaren toegang tot een dossier hebben verzocht, terwijl zij niet aan de toegangsvoorwaarden voldeden. Hierdoor kan achteraf controle plaatsvinden op een juist gebruik van het systeem.

Het CBP constateert dat nu de minister van VWS de lijn van het CBP deelt, geen onzekerheid meer kan bestaan over het normenkader voor de toegang tot het elektronisch patiëntendossier. De lijn van het CBP is gebaseerd op bestaande wetgeving, namelijk de Wet op de geneeskundige behandelingsovereenkomst (WGBO) en de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp). Op regionaal niveau bestaan reeds initiatieven met elektronische patiëntendossiers. Het CBP wijst er op dat ook dergelijke initiatieven aan de WGBO en de Wbp moeten voldoen. De toezichthouder zal bestaande en toekomstige initiatieven op het gebied van het elektronisch patiëntendossier nauwlettend volgen.

Lees ook: Persbericht 18 juni 2007 ‘Te ruime toegang tot elektronisch patiëntendossier’

Over het CBP
Het College bescherming persoonsgegevens (CBP) houdt - onder de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) - toezicht op de naleving van wetten die het gebruik van persoonsgegevens regelen. Bij het CBP moet het gebruik van persoonsgegevens worden gemeld, tenzij hiervoor een vrijstelling geldt.
Het CBP adviseert de regering en organisaties over de bescherming van persoonsgegevens en onderwerpen die daarmee samenhangen. Het CBP toetst gedragscodes en bemiddelt in geschillen tussen burgers en gebruikers van persoonsgegevens. Op eigen initiatief of op verzoek van een belanghebbende kan het CBP onderzoeken of de manier waarop persoonsgegevens in een bepaalde situatie zijn gebruikt, in overeenstemming is met de wet en daaraan zo nodig gevolgen verbinden. Voor in gebreke blijven bij de melding kan een boete worden opgelegd. Bij overtreding van de wet of daarop gebaseerde regelingen kan het CBP overgaan tot bestuursdwang of een dwangsom opleggen.

zoek
Go Search
Ik wil snel naarSnel naar
header