Melden van cameratoezicht 

Gegevensverwerkingen moeten vooraf gemeld worden bij het CBP, tenzij er een vrijstelling geldt. In de regel is cameratoezicht, dat ingezet wordt voor de beveiliging van personen, gebouwen, terreinen, zaken en productieprocessen, vrijgesteld van melden op grond van artikel 38 uit het Vrijstellingsbesluit. Voorwaarde is wel dat er gewerkt moet worden met duidelijk zichtbare camera's en dat er voldaan wordt aan de andere eisen die zowel artikel 38 Vrijstellingsbesluit als de Wbp stellen. Beelden mogen in de regel bijvoorbeeld niet langer dan 24 uur bewaard worden.

Wanneer cameratoezicht wordt ingezet om de openbare orde te handhaven is de vrijstelling van de meldingsplicht niet van toepassing.

Een melding van een verwerking van persoonsgegevens moet gedaan worden door een verantwoordelijke. Volgens de Wbp is dit degene die het doel van en de middelen voor de verwerking vaststelt. Ook kan een derde melden, mits dit geschiedt namens de verantwoordelijke. Als er meer verantwoordelijken zijn, dient de melding door of namens elk van hen te worden gedaan. In de praktijk houdt dit in, dat één van de verantwoordelijken namens de andere betrokken verantwoordelijken kan optreden. Meer informatie staat in het informatieblad Melden en vrijstellingen.