PET: instrument voor Privacy by Design
 

Wanneer organisaties wordt gevraagd welke maatregelen zij hebben getroffen om de persoonsgegevens die zij gebruiken te beschermen, dan wijzen zij er steevast op dat zij zich hebben ingespannen om de persoonsgegevens te beveiligen. Hoewel het gebruik van beveiligingsmaatregelen om ongeautoriseerde toegang tot persoonsgegevens te voorkomen een belangrijke component van privacybescherming is, is een dergelijke beveiliging op zich niet toereikend. De gegevens van betrokkenen blijken vrijwel nooit versleuteld opgeslagen te zijn en de bescherming van de privacy is daarmee totaal afhankelijk van het correct functioneren van de beveiligingsmaatregelen. Ook de uitvoering van deze beveiligingsmaatregelen bepaalt voor een groot deel het effect van de beveiliging.

Het verdient daarom de voorkeur technische maatregelen te treffen waarmee de privacy van het individu direct bij het verzamelen beschermd wordt. Het gaat dan om technische maatregelen die het onmogelijk maken dat er gegevens verzameld en opgeslagen worden. Het kunnen echter ook technische maatregelen zijn die ertoe bijdragen dat het gebruik en de opslag van identificerende gegevens tot een minimum worden beperkt of zelfs achterwege blijven.

Privacy Enhancing Technologies (PET) is een samenhangend geheel van ICT-maatregelen dat de persoonlijke levenssfeer van burgers beschermt door het elimineren of verminderen van persoonsgegevens of door het voorkomen van onnodig dan wel ongewenst gebruik van persoonsgegevens, zonder verlies van functionaliteit.

PET gaat uit van het principe ‘less is more’. Hoe minder gegevens noodzakelijk zijn voor gebruik binnen een organisatie des te beter, want er dienen dan ook minder gegevens beschermd en beveiligd te worden.

Witboek PET
De Minister van Justitie heeft bij de behandeling van de Wbp in de Eerste Kamer het standpunt ingenomen dat ook technische middelen ingezet moeten worden om de bescherming van persoonsgegevens te realiseren. Privacy-Enhancing Technologies (PET) kunnen een belangrijk hulpmiddel zijn om een behoorlijke en zorgvuldige omgang met persoonsgegevens te waarborgen. Bij de behandeling in de Tweede Kamer is kamerbreed de motie Nicolaï (Kamerstuk vergaderjaar 1999-2000, 25 892, nr. 31) aangenomen waarin de regering wordt opgeroepen in haar eigen systemen voor de verwerking van persoonsgegevens PET toe te passen.

Inmiddels heeft het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het boek ‘Privacy Enhancing Technologies. Witboek voor beslissers’ uitgebracht. Het witboek moet de toepassing van PET in de openbare sector stimuleren. Het boek geeft met diverse voorbeeldcasussen aan hoe PET toegepast kan worden. Het geeft verder een raamwerk voor het opstellen van een businesscase voor PET en een stappenplannen voor de invoering van PET in een organisatie.