Voorkomen van identificatie
Voor de deze strategie is het van belang te bepalen of er sprake is van het gebruik van persoonsgegevens, gegevens die herleidbaar zijn tot een individu.
Persoonsgegevens zijn:
- direct herleidbaar (direct identificerend), denk hierbij aan gegevens als naam, adres, woonplaats of een biometrisch kenmerk (bijvoorbeeld een vingerafdruk) of
- indirect herleidbaar (indirect identificerend), gegevens die bestaan uit andere unieke kenmerken die alleen of in combinatie met elkaar herleidbaar zijn tot een individu.
Waarborgen tegen onrechtmatig gebruik van persoonsgegevens
PET kan toegepast worden bij het beveiligen van persoonsgegevens tegen verschillende vormen van onrechtmatig gebruik. Daarmee wordt voorkomen dat persoonsgegevens onnodig verzameld, vastgelegd, bewaard, in- of extern verstrekt of samengebracht en met elkaar in verband gebracht (gekoppeld) worden.
De verantwoordelijke kan er bijvoorbeeld voor kiezen gegevens te scheiden in verschillende domeinen. Eén domein met identificerende gegevens van een individu, zoals naam, adres en woonplaats en het andere domein met andere gegevens. De inzet van PET bestaat dan uit het gecontroleerd totstandbrengen van een koppeling tussen deze twee domeinen, waarbij vooraf bepaald is wie wanneer deze gekoppelde gegevens mag inzien. Overige gebruikers, bijvoorbeeld wetenschappelijke onderzoekers en statistici kunnen gebruikmaken van de anonieme gegevens.
Lees meer hierover in: